Op 13 augustus had ik een gesprek met Prof. Huib de Jong, lid van het CvB van de HU om de mogelijkheden te onderzoeken van Liberal Arts als interfacultair project. De uitkomst van het gesprek was :
conceptueel : helder te omschrijven hoe een post modern concept liberal arts in elkaar zit (ter onderscheiding van het klassieke)
methodisch-didactisch : aan te geven welke 'culturele teksten' passen in dit concept en gebruikt kunnen worden in onderwijs
menskundig : de meerwaarde te onderzoeken van de aandacht voor de mens in het concept Liberal Arts (met FE en FMR)
organisatorisch: de mogelijkheden te onderzoeken van organisatorische inbedding binnen Creative - Industry (FEM,FNT,FCJ)
Huib de Jong zal zich inzetten voor het stimuleren van organisatorische inbedding. Ik zal het concept 'Liberal Arts' verder gaan uitwerken in deze niet revisionistische vorm. Het gaat daarbij niet om Liberal Arts als ' Back to Homer' in de sfeer van clubs als de BON (Ad Verbruggen), maar om een post-koloniale en post-urbane benadering van Liberal Arts. Het is een vorm van denken die niet euro - centrisch, cross-media, interactief en pluriform is (Liberal Arts Studio).Huib de Jong zal t.z.t.ook inhoudelijke input geven.
maandag 20 augustus 2007
donderdag 5 juli 2007
Culturele Analyse
Ik sluit het academisch jaar 2006-2007 af met een tevreden gevoel dat Culturele Analyse,Cultureel Design en Cultureel Ondernemen, qua methode en opbrengst, weer een stukje meer op de kaart is gezet.Niet voor iedere lezer van dit weblog zal duidelijk zijn hoe.Daarom hier nog enige verduidelijking m.b.t:
- culturele analyse
- cultureel design
- cultureel ondernemen
1. Culturele analyse:
We leven in een post moderne urbane cultuur.Dit thema heeft voortdurend centraal gestaan in mijn denken. Culturele analyse heeft deze wereld vooral bloot gelegd.De manier van onderzoeken was multidisciplinair. Kunst, geschiedenis, taal en letterkunde, psychologie, sociologie, economie, antropologie en opleidingkunde raakten elkaar voortdurend.Het was daarom niet gek dat jeugdcultuur, esthetiek, onderwijsvormen in o.a. projecten als Overvecht Presents..., Adolescentie in Fictie,Strategische Innovatie, naast elkaar aanbod kwamen.
2. Cultureel Design :
Cultureel Design was voor mij het vervolg op Culturele Analyse.Onderzoek & Ontwerp liggen immers in elkaars verlengde.Culturele Analyse was de onderzoekmethodiek.Cultu-reel Design was de ontwerp strategie. Dit kwam tot uitdrukking in projecten als Schoolontwerpen met de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht (HKU), of Educatief Design in samenwerking met de HU. Het kwam verder naar voren in twee omvangrijke projecten t.w. de Dieptepilot Academische Scholen samen met 13 scholen in het VO en het Laboratorium Levend Leren i.s.m. de Vrije Hogeschool.
3. Cultureel Ondernemen :
Culturele Analyse en Cultureel Design beschouw ik als vormen van Cultureel Ondernemen.In het komend studiejaar zal ik verder gaan met het analyseren van de post moderne urbane cultuur (Culturele Analyse). Ik zal ook doorgaan met het verder uit werken een nieuwe tijdseigen leef & leeromgevingen (Cultureel Design).Dit alles in het teken van cultureel ondernemerschap. Een kritische analyse van de huidige cultuur leert dat we ons in onze ontwerpvormen nog veel te veel laten leiden door het overleefde 19e eeuwse burgerlijk, institutionele,modernistische,vormen van denken.Mijn cultureel ondernemen is gericht op taal (communicatievormen o.a. cross media)en omgevingsfactoren (o.a.in de vorm van post moderne netwerkorganisaties)die de interactie tussen mensen in hun diversiteit en creativiteit stimuleert.
- culturele analyse
- cultureel design
- cultureel ondernemen
1. Culturele analyse:
We leven in een post moderne urbane cultuur.Dit thema heeft voortdurend centraal gestaan in mijn denken. Culturele analyse heeft deze wereld vooral bloot gelegd.De manier van onderzoeken was multidisciplinair. Kunst, geschiedenis, taal en letterkunde, psychologie, sociologie, economie, antropologie en opleidingkunde raakten elkaar voortdurend.Het was daarom niet gek dat jeugdcultuur, esthetiek, onderwijsvormen in o.a. projecten als Overvecht Presents..., Adolescentie in Fictie,Strategische Innovatie, naast elkaar aanbod kwamen.
2. Cultureel Design :
Cultureel Design was voor mij het vervolg op Culturele Analyse.Onderzoek & Ontwerp liggen immers in elkaars verlengde.Culturele Analyse was de onderzoekmethodiek.Cultu-reel Design was de ontwerp strategie. Dit kwam tot uitdrukking in projecten als Schoolontwerpen met de Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht (HKU), of Educatief Design in samenwerking met de HU. Het kwam verder naar voren in twee omvangrijke projecten t.w. de Dieptepilot Academische Scholen samen met 13 scholen in het VO en het Laboratorium Levend Leren i.s.m. de Vrije Hogeschool.
3. Cultureel Ondernemen :
Culturele Analyse en Cultureel Design beschouw ik als vormen van Cultureel Ondernemen.In het komend studiejaar zal ik verder gaan met het analyseren van de post moderne urbane cultuur (Culturele Analyse). Ik zal ook doorgaan met het verder uit werken een nieuwe tijdseigen leef & leeromgevingen (Cultureel Design).Dit alles in het teken van cultureel ondernemerschap. Een kritische analyse van de huidige cultuur leert dat we ons in onze ontwerpvormen nog veel te veel laten leiden door het overleefde 19e eeuwse burgerlijk, institutionele,modernistische,vormen van denken.Mijn cultureel ondernemen is gericht op taal (communicatievormen o.a. cross media)en omgevingsfactoren (o.a.in de vorm van post moderne netwerkorganisaties)die de interactie tussen mensen in hun diversiteit en creativiteit stimuleert.
Onderzoek Adolescentie in Fictie
In het kader van een aanvraag voor een voucher bij de HU heeft op 4 juli een gesprek plaatsgevonden met Annelies de Jeu , beleidsmedewerker onderzoek. Haar reactie op de globale lijn van het promotie-onderzoek was uitermate positief. Graag zou ze nog aanvullende informatie tot uitdrukking zien komen in de aanvraag over :
- De argumentatie voor de keuze van de verhalen: mogelijk kan ik nog iets meer ver- duidelijken hoe in deze verhalen, een belangrijke stijlfiguur (met een bepaalde ont-staansgeschiedenis)voor het ontwikkelingspsycholisch denken van nu tot uitdrukking komt.
- De argumentatie voor het inbrengen van een reportage (als bron) die ik zelf heb gemaakt : mogelijk kan ik verder verduidelijken dat het hier gaat om een vorm van participerend/actie onderzoek en het verleggen van de grens tussen wetenschap & kunst.Ik heb heel bewust gekozen voor deze vorm.Dat kan ik nog helderder aangeven.
- De relevantie van het onderzoek voor het hoger beroepsonderwijs : mogelijk kan ik nog iets duidelijker aangeven dat dit onderzoek een antwoord/visie geeft op de vraag "Hoe schep je een aano 2007 een leef/leeromgeving die de student als adoles- cent recht doet ?" Dit sluit aan bij o.a. het project "Schoolontwerpen"dat ik doe i.s.m. de HKU.(in 3.2./5.5./10.2.)
- De relevantie voor het lectoraat: mogelijk kan ik nog verhelderen dat de kritische benadering van de huidige leef en leeromgeving in het Hoger Onderwijs aansluit bij het concept "post modern leren en opleiden", hetgeen weer aansluit bij het con- cept "levend leren" van Hans Jansen (lectoraat VOMD).
Al met al gaat het om een minimaal aantal aanpassingen. Met deze aanpassingen kan de aanvraag na de vakantie naar alle waarschijnlijkheid snel worden gerealiseerd.
- De argumentatie voor de keuze van de verhalen: mogelijk kan ik nog iets meer ver- duidelijken hoe in deze verhalen, een belangrijke stijlfiguur (met een bepaalde ont-staansgeschiedenis)voor het ontwikkelingspsycholisch denken van nu tot uitdrukking komt.
- De argumentatie voor het inbrengen van een reportage (als bron) die ik zelf heb gemaakt : mogelijk kan ik verder verduidelijken dat het hier gaat om een vorm van participerend/actie onderzoek en het verleggen van de grens tussen wetenschap & kunst.Ik heb heel bewust gekozen voor deze vorm.Dat kan ik nog helderder aangeven.
- De relevantie van het onderzoek voor het hoger beroepsonderwijs : mogelijk kan ik nog iets duidelijker aangeven dat dit onderzoek een antwoord/visie geeft op de vraag "Hoe schep je een aano 2007 een leef/leeromgeving die de student als adoles- cent recht doet ?" Dit sluit aan bij o.a. het project "Schoolontwerpen"dat ik doe i.s.m. de HKU.(in 3.2./5.5./10.2.)
- De relevantie voor het lectoraat: mogelijk kan ik nog verhelderen dat de kritische benadering van de huidige leef en leeromgeving in het Hoger Onderwijs aansluit bij het concept "post modern leren en opleiden", hetgeen weer aansluit bij het con- cept "levend leren" van Hans Jansen (lectoraat VOMD).
Al met al gaat het om een minimaal aantal aanpassingen. Met deze aanpassingen kan de aanvraag na de vakantie naar alle waarschijnlijkheid snel worden gerealiseerd.
Onderzoek & Ontwerp Academische School
4 juli vond een gesprek plaats met het dagelijk bestuur van Samen op Scholen en lector Elly de Bruin. Aanbod kwam een eventuele samenwerking tussen het evaluatief onderzoek van SOS (olv Elly de Bruin) en de Dieptepilot Academische School(olv. Jeroen Lutters). Het lijkt erop dat de bijdrage van het evaluatief onderzoek kan zijn om "good practices" te verzamelen, iets waar de dieptepilot nauwelijks aan toe komt omdat ze meer toekomst dan verleden georiƫnteerd is.In verband hiermee zou een interessante opzet kunnen zijn :
- het uitwerken van drie leergeschiedenissen van SOS scholen
- het uitwerken van de leergeschiedenis van de Archimedes Lerarenopleiding
Ik heb op korte termijn contact met Elly de Bruin om te komen tot een verdere samenwerking.Daarbij zullen behalve de inhoudelijke aspecten van de samenwerking
ook organisatorische aspecten aanbod komen.
- het uitwerken van drie leergeschiedenissen van SOS scholen
- het uitwerken van de leergeschiedenis van de Archimedes Lerarenopleiding
Ik heb op korte termijn contact met Elly de Bruin om te komen tot een verdere samenwerking.Daarbij zullen behalve de inhoudelijke aspecten van de samenwerking
ook organisatorische aspecten aanbod komen.
dinsdag 3 juli 2007
Ondernemingsplan Lectoraat VOMD
Het lectoraat VOMD houdt zich bezig met de vernieuwing in het hoger onderwijs.In het kader daarvan is in het ondernemingsplan al eerder besproken dat het van belang is dat een aantal onderzoeksactiviteiten geconcentreerd plaats vinden. In dit verband is FOCUS het centrale uitgangspunt.Voor de verdere uitwerking hiervan heb ik op 3 juli een aantal belangrijke gesprekken kunnen voeren. Bij deze gesprek ken is aan dacht besteed aan (1)de onderzoekagenda (2)de trainingen en seminars en(3)de publi- caties.Een belangrijk gesprek heeft plaatsgevonden met Albert Smit van het stafburo. Albert zal inbrengen in het directieberaad van de FE om het aantal innovatieve trajecten te inventariseren, om daarmee meer overzicht te krijgen van het totale aantal (onderzoek/ontwikkel) trajecten. De bedoeling is om daarmee krachten te bundelen in plaats van naast elkaar te werken.In het kader van het project Strate gische Innovatie heb ik ook deelgenomen aan een gesprek met o.a. Loek Vroomans en Cees Sprenger. Daarbij is naar voren gekomen dat het nu belangrijk is dat het professionalisering traject HU strategische innovatie wordt gekoppeld vragen vanuit de dagelijkse werkpraktijk van de HU (strategisch plan) en de verschillende faculteiten (gemeenschappelijke focus). Wat de huidige groep betreft kan gedacht worden aan een vorm van seminar/publicatie.Tenslotte heb ik een gesprek gehad met Gerard van Straalen om op 5 september om 14.00 het voorgenomen aantal publicaties voor dit jaar door te nemen.
Onderzoek & Ontwerp Academische School
Op 2 juli vond een overleg plaats op het Scala college waarbij de contouren zijn geschetst voor een verdere uitwerking van het Scala College als Academische School(2e fase HAVO.Bij het gesprek aanwezige waren Jan Willem Eilander, Caroline van Leeuwen en Marinka Drost. In het gesprek is duidelijk geworden dat het Scala College verder wil met het ontwikkelen van het concept Academische School en in het kader daarvan professionaliseren van haar medewerkers.Duidelijk werd dat daarbij moet worden begonnen van een praktijkgerichte cultuurverandering, om zo stap voor stap/op termijn te komen tot een meer uitgewerkte cultuur/structuurverandering.Zoals het er nu uitziet gaan we eerst beginnen met het duidelkijker in beeld krijgen van de leerlingen populatie en hun onderwijsbehoefte.We gaan dat doen door middel van een leerling-interviewt-leerling techniek (voorbeeld Delta).In dat interview wordt ook een het element toetsing meegenomen.Het leerteam is zelf verantwoordelijk voor de voortgang. Het lectoraat VOMD werkt naar vermogen ondersteund. Hetzelfde geldt voor de Archimedes.Er kan echter niet worden verwacht dat de inbreng meer dan "situ ationeel" kan zijn.Op dit moment liggen er twee concrete vragen van de kant van het Scala aan het Lectoraat en de Archimedes op het gebied van kennisdeling.Het eerste gaat over interviewtechnieken. Hoe interview je je medeleerling ? (formulieren, podcast enz.)Het tweede gaat over cognitieve psychologie. Welke structurele proble men treden erop bij toetsing en hoe verbeter ik die ? We bevinden ons hier op het gebied van de metacognities die niet alleen van belang zijn voor deze groep, maar ook voor de onderbouw.Na de hier besproken "diagnostische fase" waarbij leerlingen met leerlingen aan de slag gaan, wordt op basis van de opbrengstlater in het jaar gekeken naar een wenselijk vervolg voor docenten (training) op bepaalde gebieden.De startbijeenkomst met de docenten is gepland op 11 september om 14.45. Caroline en ik zullen daarbij aanwezig zijn. OP de 25e september vind een tweede bijeenkomst plaats waarbij "input" wordt gegeven vanuit Lectoraat/Archimedes op het gebied van
interviewtechniek/cognitieve psychologie.
interviewtechniek/cognitieve psychologie.
dinsdag 26 juni 2007
Presentatie Overvecht Presents...
26 juni heeft minster Ella Voogelaar de wijk Overvecht bezocht. Onderdeel van het programma was een gesprek met een aantal partners betrokken bij het onderwijs in het Vader Rijn College. In het kader daarvan is ook het eindverslag van Overvecht Presents... van dit jaar gepresenteerd. In het eindverslag wordt melding gemaakt hoe "ondernemerschap" werken kan als hefboom voor wijkontwikkeling en welke plek het onderwijs daarbij kan innemen. In een "case study" heb ik duidelijk proberen te maken dat dit echter niet gaat zonder slag of stoot. Nog te vaak hebben beleid voerders en docenten de neiging in geval van crises te vluchtten naar voren. In plaats van het bestaande probleem aan te pakken wordt het probleem 'vergeten'en de aandacht gericht op iets nieuws. Daarmee spiegelen ze het gedrag van sommige leerlingen.Hier kan verandering in komen door crises meer te zien als een geinte greerd onderdeel van een ontwikkelingsproces en een concrete mogelijkheid tot verdieping tot verandering van routineus gedrag.
Abonneren op:
Reacties (Atom)